Gedurende het hele jaar worden bruinvissen in de Oosterschelde waargenomen. Stichting Delta Bruinvis doet foto-identificatieonderzoek om meer over deze dieren te leren. Het onderzoek is erop gericht om individuele bruinvissen te identificeren met behulp van foto’s en ze later weer te herkennen. Klik hier voor meer informatie over deze methode.
Wanneer zijn de gegevens verzameld?
De onderzoeksinspanning ligt in het voorjaar en de zomer het hoogst. Dit valt samen met het vaarseizoen waarin de weersomstandigheden het beste zijn. Sinds 2022 gaat onze boot rond april te water en ligt deze in de haven van Zierikzee. Rond oktober wordt de boot weer uit het water gehaald en gaat dan naar de winterstalling. In aanvulling op de vaartochten met eigen boot, worden soms ook gegevens vanaf een andere boot of vanaf land verzameld. Ook voor 2022 werden al gegevens verzameld.
In de tabel hieronder staat het aantal dagen waarop één of meerdere bruinvissen zijn waargenomen en geïdentificeerd in de periode 2022-2024. Het aantal dagen staat niet direct gelijk aan de onderzoeksinspanning. De uren die op een dag worden besteed aan het verzamelen van gegevens varieert namelijk. Gekeken naar het aantal uren onderzoeksinspanning ligt dit per jaar bij elkaar in de buurt.
2022 | 2023 | 2024 | |
Januari | – | – | 1 |
Februari | – | – | – |
Maart | – | – | 2 |
April | 5 | 4 | 2 |
Mei | 7 | 3 | 6 |
Juni | 5 | 6 | 7 |
Juli | 5 | 4 | 4 |
Augustus | 5 | 2 | 4 |
September | 3 | 7 | 3 |
Oktober | – | 1 | 3 |
November | – | – | 1 |
December | – | – | – |
Totaal | 30 dagen | 27 dagen | 33 dagen |
Waar worden de bruinvissen in de Oosterschelde gezien?
Op onderstaande kaart zijn alle waarnemingen van 2022 t/m 2024 weergegeven. Elke blauwe stip geeft een waarneming van één of meerdere bruinvissen aan. De vaartochten vertrekken meestal vanuit Zierikzee. Dit is een goede plek om bruinvissen te kunnen zijn. Omdat bijna elke tocht hier start en eindigt, verklaart dit deels het grote aantal waarnemingen op deze locatie. De tochten gaan meestal vanuit Zierikzee richting Burghsluis, Colijnsplaat/Roompot of Kats/Wemeldinge.
We merken dat sommige bruinvissen een voorkeur lijken te hebben voor bepaalde locaties en daar vaker worden gezien. Andere dieren lijken meer rond te trekken en worden op verschillende plekken in de Oosterschelde gezien.

Hoeveel verschillende bruinvissen worden er in de Oosterschelde gezien?
In onze database staan inmiddels zo’n 150 verschillende bruinvissen. Een groot deel hiervan in terug te vinden in onze openbare catalogus. Niet alle dieren in onze database zullen nog in de Oosterschelde aanwezig zijn. Van sommige individuen is bekend dat zij zijn overleden.
In onderstaande tabel en grafiek is te zien hoeveel verschillende bruinvissen er sinds 2022 jaarlijks minimaal in de Oosterschelde aanwezig zijn.
Toelichting op de tabel:
- Bekende individuen: Dit zijn dieren die ook in eerdere jaren zijn waargenomen.
- Nieuwe (sub)adulten: Dit zijn (sub)adulten dieren die dat jaar nieuw aan de catalogus zijn toegevoegd. Dit kunnen dieren zijn die in de Oosterschelde werden geboren, maar nog niet eerder door ons werden waargenomen. Ook kunnen dit dieren zijn die vanuit de Noordzee naar de Oosterschelde zijn gekomen.
- Kalfjes: Dit zijn dieren dit in dat betreffende jaar zijn geboren.
- Totaal: Optelling van bovengenoemde aantallen.
- Missende dieren: Dit zijn individuen die in dat specifieke jaar niet werden gefotografeerd, maar wel voor en na dat jaar. Het is daarom goed mogelijk dat deze dieren in het missende jaar ook in de Oosterschelde aanwezig waren.
2022 | 2023 | 2024 | |
Bekende individuen | 52 | 57 | 64 |
Nieuwe (sub)adulten | 21 | 18 | 5 |
Kalfjes | 2 | 5 | 5 |
Totaal | 75 | 80 | 74 |
Missende dieren | 5 | 11 | – |

Omdat de Oosterschelde in verbinding staat met de Noordzee en er gedurende de onderzoeksperiode sprake is van geboortes en sterfte, zullen sommige individuen niet een geheel jaar waarin ze werden waargenomen aanwezig zijn geweest. Toch is het aannemelijk dat veel van de bruinvissen wel langere tijd in de Oosterschelde verblijven. Individuen worden namelijk verspreid over een (vaar)seizoen meerdere keren waargenomen (soms wel 10x in een jaar) en zijn vaak in eerdere en latere jaren gezien. Ook worden bij ons bekende individuen in de winter waargenomen, bij observaties vanaf land.

(foto’s © A.E. Podt)
Daarnaast is het waarschijnlijk dat er ook enkele bruinvissen in een bepaald jaar aanwezig zijn, maar dat zij niet door ons gefotografeerd zijn, bijvoorbeeld pasgeboren kalfjes. Het werkelijke aantal bruinvissen is daardoor niet exact vast te stellen, maar dit foto-identificatieonderzoek geeft wel een realistische minimale inschatting.
Daarnaast merken we tegen het einde van elk jaar dat we weinig individuen zien die we dat jaar nog niet gezien hebben. Daarom is het aannemelijk dat de werkelijke aantallen niet heel veel hoger zijn dan de hierboven getoonde resultaten.
Hoe lang worden individuele bruinvissen in de Oosterschelde gezien?
Met behulp van foto-identificatie kunnen dieren jarenlang gevolgd worden. Hieruit blijkt dat veel bruinvissen in de Oosterschelde langere tijd in het gebied worden waargenomen. Dit lijken dus vaste bewoners te zijn. Met behulp van foto’s is zelfs vastgesteld dat een individu die in 2009 al werden gefotografeerd in 2024 nog steeds in de Oosterschelde aanwezig was.

(foto’s © A.E. Podt)
Voortplanting
Elk jaar worden moederdieren met pasgeboren kalfjes gezien en paargedrag wordt ook geregeld waargenomen. De meeste kalfjes worden in juni en juli geboren. Met behulp van foto-identificatie is vastgesteld dat vrouwtjes soms meerdere opeenvolgende jaren kalfjes krijgen. En ook is waargenomen dat jonge bruinvissen succesvol kunnen opgroeien, door ze in de jaren na hun geboorte zelfstandig, zonder moeder, opnieuw te identificeren.
In 2024 is waargenomen dat een individu die we sinds haar geboorte kennen zelf op vijfjarige leeftijd een kalf heeft gekregen. Dit is de eerste keer dat bij ons drie generaties bruinvissen uit de Oosterschelde bekend zijn.

(foto’s © A.E. Podt)
Overleden
Naast dat er jaarlijks meerdere bruinviskalfjes in de Oosterschelde worden geboren, overlijden er natuurlijk ook dieren. Elk jaar worden zo’n 10 tot 25 dode bruinvissen binnen de grenzen van de Oosterschelde gevonden. Het is mogelijk dat er soms een dode bruinvis uit de Noordzee de Oosterschelde binnen spoelt. Andersom is het ook mogelijk dat dieren die in de Oosterschelde overlijden het gebied uitspoelen en op aangrenzende Noordzeestranden worden gevonden.
Meestal zijn de dode bruinvissen al te ver vergaan om te kunnen matchen met individuen uit de foto-identificatiedatabase. Maar wanneer het overleden dier nog in goede staat is worden foto’s uitgewisseld om te vergelijken. Sinds 2019 heeft dit meerdere matches tussen levend gefotografeerde dieren en later dood gevonden dieren opgeleverd. Klik hier om meer over de matches te lezen.
Eén van de doodsoorzaken die bij bruinvissen in de Oosterschelde wordt gevonden is een aanval door een grijze zeehond. In de Oosterschelde zwemmen veel bruinvissen rond met grote littekens, die deels verklaard kunnen worden door de aanval van een grijze zeehond. Door foto-identificatie is vastgesteld dat deze bruinvissen na zo’n aanval nog jarenlang waargenomen kunnen worden. Gelukkig hoeft zo’n aanval dus niet altijd fataal te zijn.
Update van aantallen
Naast bovengenoemde aantallen werden elk jaar nog enkele andere bruinvissen gefotografeerd. Echter was de kwaliteit van de foto’s onvoldoende om deze individuen met zekerheid te matchen met dieren die al in de catalogus staan of vast te stellen of het om nieuwe individuen gaat. Daarom zijn deze individuen niet meegenomen in bovenstaande resultaten. Het is mogelijk dat voor deze bruinvissen later alsnog een match kan worden gevonden, wanneer bij nieuwe waarnemingen duidelijkere foto’s worden gemaakt. In dat geval kunnen de bovenstaande aantallen aangepast worden.